De meeste relaties beginnen als een sprookje en dat geldt ook voor mij. Ik had nooit gedacht dat ik ooit zo gelukkig kon zijn en ik wilde niet dat het ooit zou eindigen, maar dat gebeurde wel.

Ooit zag onze toekomst er rooskleurig en grenzeloos uit, en daarna hing er opeens een donkere wolk boven ons.

Eerst gaf hij me het gevoel dat ik alles verdiende en daarna gaf hij me het gevoel dat ik helemaal niet bijzonder was – maar toch bleef ik. En dit is de reden: 

1. HIJ GAF ME OOIT HET GEVOEL DAT IK BIJZONDER WAS. 

Ik miste echt dat gevoel. Ik had nooit gedacht dat iemand anders me ooit weer dat gevoel zou geven en ik was niet zelfverzekerd genoeg om te geloven dat iemand anders me ooit weer bijzonder zou vinden nadat ik bij hem weg was gegaan.

Ik begon sterk, maar naarmate de tijd vorderde werd ik zwak en behoeftig. Ik dacht dat mijn leven zonder hem niets meer zou voorstellen en dat ik nooit van mezelf zou houden als hij er niet was.

Ik had het flink mis, maar op dat moment dacht ik er gewoon zo over.  

2. OOIT HIELDEN WE ECHT VAN ELKAAR. 

Het was moeilijk om te accepteren dat hij niet meer van me hield. Ik hield nog steeds van hem, of in ieder geval gedeeltelijk.

Ik dacht dat we voor altijd van elkaar zouden houden en ik begreep niet hoe zijn gevoelens opeens verdwenen konden zijn.

Ik werd afhankelijk van onze relatie en het feit dat wederzijdse liefde opeens niet meer wederzijds was, was het moeilijkste om te accepteren. 

3. IK BLEEF HOPEN DAT HIJ WEER DE MAN WERD OP WIE IK VERLIEFD WAS GEWORDEN. 

Ik wilde niet samen zijn met de zak die hij was geworden. Ik gaf niets om de man die slechts wilde feesten en die het veel te belangrijk vond wat zijn nieuwe vrienden dachten.

Ik wilde de man die gewoon graag bij me was en die het naar zijn zin had, wat we ook deden.

Ik droomde over de man die het niets kon schelen wat anderen vonden, maar ik realiseerde me niet dat deze man voor altijd verdwenen was. 

4. IK DACHT DAT HET SLECHTS EEN FASE WAS.

We waren jong en ik dacht dat hij gewoon die fase doormaakte van wanneer je begin twintig bent en je vrienden belangrijker zijn dan een meid.

Ik dacht dat hij gewoon op het punt was beland dat uitgaan leuker leek dan huisje-boompje-beestje.

Ik geloofde oprecht dat hij hier wel overheen zou komen en dat hij wel weer bij me terug zou komen. Ik was zo dom en het ergste is nog dat ik dacht dat bij hem blijven me sterk maakte. 

5. IK REALISEERDE ME NIET DAT HIJ OVER ME HEEN WAS. 

Dat was moeilijk te begrijpen. Hij had het rouwproces van onze breuk al doorgemaakt en hij was verder gegaan, terwijl we nog soort van samen waren.

Ik vocht voor ons en hij begon zich los te maken. Ik dacht dat dit slechts een obstakel was, maar eigenlijk was dit het einde – ik wilde dit gewoon niet accepteren.

Ik had niet de kracht om te accepteren dat deze breuk niet tijdelijk was. Het was voorbij. 

6. IK MISTE HET STEL DAT WE VROEGER WAREN. 

Ik dacht dat we nog steeds zo konden zijn, maar dat kon niet. We waren niet dezelfde jonge mensen die zolang geleden verliefd op elkaar werden.

Ik dacht dat we elkaar weer konden vinden en dat alles weer zoals vroeger zou worden, maar we waren dat stel niet meer en dat zou ook nooit meer zo zijn.

Na al die tijd was ik gehecht geraakt aan hoe we samen waren en was ik vergeten wie ik als individu was. 

7. IK DACHT DAT HIJ “DE WARE” WAS. 

Ik geloofde echt dat we voor altijd samen zouden zijn en er was een tijd dat hij er ook zo over dacht. Het was moeilijk om dat idee los te laten en de plannen die we hadden gemaakt te vergeten.

Ik had al zijn beloftes onthouden en toen begon ik me te realiseren dat hij regelmatig tegen me had gelogen. Het was lastig om onderscheid te maken tussen wat ik wilde dat waar was en wat echt waar was.

Ik leefde niet in de werkelijkheid maar in een droom van hoe ik me ons leven had voorgesteld. 

8. ONZE RELATIE WAS HET BELANGRIJKSTE IN MIJN LEVEN. 

Mijn leven draaide om wat wij voor elkaar waren. Ik plande mijn dingen op basis van zijn tijd. Ik kreeg dingen gedaan als hij het druk had en ik liet meteen alles vallen als hij me nodig had.

Ik zette hem op de eerste plaats en ik dacht dat elke goede partner dit deed. Ik zette ons op de eerste plaats en ik raakte mezelf kwijt. 

9. IK DACHT NOOIT DAT IK IEMAND ANDERS ZOU VINDEN.

Ik ben nogal kieskeurig en als ik niet binnen een aantal minuten een klik voel, verspil ik mijn tijd niet.

Ik heb altijd het gevoel gehad dat het nogal moeilijk was om van mij te houden, niet omdat ik niet van mezelf hou, maar omdat ik gewoon niet hetzelfde ben als andere vrouwen.

Het duurde een hele tijd om verder met mijn leven te gaan en om daarna iemand anders te vinden, maar uiteindelijk lukte het.

Terwijl mijn ex me het gevoel gaf dat ik niks waard was, weet mijn huidige partner dat ik alles ben, en dat is een wereld van verschil. 

10. IK DACHT DAT HIJ VOOR MIJN GELUK ZORGDE. 

Ik dacht dat mijn geluk afhing van of ik bij hem was of niet. Ik dacht niet dat ik mijn geluk zelf in de hand had. Ik realiseerde me niet dat ik hem niet nodig had.

Ik werd afhankelijk van hem en van de relatie. Als hij gelukkig was, was ik ook gelukkig.

Ik voelde niets meer voor mezelf en had slechts gevoelens voor hem. Ik was mezelf niet meer, want in mijn gedachten draaide het slechts om “ons”. 

11. IK WAS BANG OM WEER OPNIEUW TE BEGINNEN. 

Ik was bang geworden voor het onbekende. Ik voelde me veilig in de relatie. Ik was het gewend geraakt – zo gewend dat ik zelfs bang werd voor een andere manier van leven.

Ik wilde niet weer als single door het leven gaan. Ik was bang om het onafhankelijke meisje te zijn dat ik ooit was.

Ik was ooit een sterke meid, maar mijn relatie met hem zorgde ervoor dat ik die kracht verloor en dat ik hem kwijt was dwong me eindelijk om diezelfde kracht weer terug te vinden. 

Ik Ben Een Sterke Vrouw, Maar Ik Bleef Bij Een Man Die Me Het Gevoel Gaf Dat Ik Niets Waard Was