Ik heb bijna mijn hele leven naar je loze beloftes en woorden geluisterd. Ik bleef hoop houden dat je ooit eindelijk zou veranderen.

Ik bleef hoop houden dat je je had gerealiseerd dat je een klootzak was geweest en dat je het nu recht wilde zetten.

En toen gaf ik je weer een kans, zoals ik dat steeds deed. 

Maar er veranderde natuurlijk niks. Die beloftes en geveinsde zenuwinzinkingen die je doormaakte waren onzin.

Het gebeurde telkens als je doorhad dat ik zou vertrekken. Dus loog je om me te houden en me nog wat meer te verwoesten.

Ik voelde me schuldig zodat ik bij je bleef, waar je voor had gezorgd door me valse hoop te geven, je liet me geloven dat je een pagina om zou slaan en opnieuw zou beginnen.

Ik kan mezelf niet vergeven dat ik zo verblind was door jou. Ik kan mezelf niet vergeven dat ik mijn leven aan je heb verspild, aan iemand die mij nooit verdiend heeft en die mij nooit en te nimmer zal verdienen.  

Je nam me alles af. Je nam mijn hart en mijn ziel en je martelde deze. Je wilde iemand bij je hebben, iemand volgens jouw eigen beeld, iemand die jou mooi uitkwam.

Ik was diegene niet en je wilde het niet toegeven, dus probeerde je me te veranderen en op een bepaald moment lukte dat. Door jou werd ik iemand anders, iemand die jij graag wilde zien.

Eerst begreep ik niet wat je probeerde te doen. Ik dacht dat we ruzie maakten zoals elk stel dat doet.

Ik dacht we twee verschillende karakters hadden die het moeilijk maakten om een compromis te sluiten. Maar naarmate er tijd verstreek, realiseerde ik me dat dat allemaal een leugen was.

Ik realiseerde me dat ik de enige was die moeite deed. Ik gaf een dode plant water, in de hoop dat hij weer zou gaan leven en dat brak mijn hart in miljoenen stukjes. Het was allemaal jouw schuld. 

Je brak me toen je me het gevoel gaf dat ik degene was die gek was.Je deed zo onschuldig en je kreeg het altijd voor elkaar om iemand anders de schuld te geven, mij.

Je deed je best om me ervan te overtuigen dat het niet de werkelijkheid was, dat bepaalde dingen nooit gebeurd waren. Eerst wist ik dat waar je me ook van beschuldigde, het toch niet waar was.

En telkens als ik je ermee confronteerde, had je zulke goede smoezen, zulke geloofwaardige excuses. Na een tijdje ging ik aan mezelf twijfelen.

Ik begon te denken dat er iets mis was met me. Ik geloofde je leugens en ik dacht dat het allemaal tussen mijn oren had gezeten. Ik dacht dat je gelijk had. Dat is hoe je mijn zelfrespect hebt afgenomen.

Toen dat eenmaal was gebeurd kon je alles met me doen, want ik kon mezelf niet langer vertrouwen.

Je brak me toen je de baas over me ging spelen. Je had geen respect voor mij. Je deed alsof ik jouw bezit was en geen mens. Al mijn behoeftes en gevoelens werden verpulverd.

Maar niets deed ertoe zolang jij gelukkig was. Stukje bij beetje isoleerde je me compleet van anderen. Mijn wereld was opeens van jou. Mijn identiteit werd me ontnomen.

Ik was niet langer mezelf want ik werd een onbelangrijk deel van jou. Je zorgde dat ik in jouw schaduw stond, want dat was de enige manier hoe je me jouw toxische gedachtes kon blijven voeden.

De enige manier om macht over me te kunnen uitoefenen. Je moest me verborgen houden voor de wereld, omdat je niet wilde dat de wereld mijn ogen zou openen.

Je brak me toen je deed alsof je iemand anders was. Je was geweldig. Ik had nooit zoveel talent voor acteren gezien. Aan het begin was je zo perfect dat ik het gevoel had dat je al mijn wensen in vervulling kon brengen.

Ik had het gevoel dat je me de gelukkigste vrouw ooit zou maken. Je verzette bergen voor me en je liet al mijn wensen uitkomen.

Maar dit duurde niet lang. Langzamerhand werd je schouwspel zwakker, begon je te barsten omdat niemand zolang kan doen alsof. En toen viel uiteindelijk je masker af en liet je mij je toxische gezicht zien.

Je bedroog me, manipuleerde me en je loog tegen me. Niet alleen deed je mij van alles aan, maar je liet me geloven dat jij het slachtoffer was.

Je liet me geloven dat ik jou mishandelde met mijn roekeloze gedrag en mijn daden.

Je brak me toen je mijn grenzen niet respecteerde. Je respecteerde me nooit genoeg om om me te geven. Je zag me nooit als mens, iemand die naast je leeft en ademhaalt.

Je zag me slechts als bron om te voeden, een bron om je toxische kracht uit te putten. We hebben allemaal dingen die we tolereren en die we verafschuwen.

Nou, ik mocht van jou geen van beide hebben. Je dacht dat je het recht had om te besluiten wat goed en slecht voor me was. Zelfs als ik tegen je in probeerde te gaan, negeerde je mij en bleef je alles op jouw manier doen.

Je brak me toen je me angstig maakte. Ik kampte met angstaanvallen en ik wist niet waarom.

Ik voelde me erg slecht, alsof ik geen zeggenschap meer had over mijn eigen leven en ik wist niet waarom.

Ik had een gevoel van ongemak en angst dat zich in me opstapelde, dat me kapot maakte en ik wist niet wat de oorzaak was, tot ik op een dag eindelijk mijn ogen opende.

Ik besefte me wat er de hele tijd onder mijn neus had afgespeeld. Ik realiseerde me wat me angstig maakte, maar ik wilde het niet accepteren. Jij was de boosdoener, de hele tijd was jij de aanstichter.

Toen ik doorkreeg dat ik niet de baas was geweest over mijn eigen leven, opende ik mijn ogen. Het maakte me niet druk om wat er met me zou gebeuren.

Ik was niet meer bang voor je, want ik wist dat alles beter zou zijn dan de rest van mijn leven met jou te moeten doorbrengen. Dat is hoe ik kon ontsnappen.

Ik werd onverschillig. Het maakte me allemaal niets meer uit. Ik was niet langer bang voor je. 

Toen ik wakker werd uit de nachtmerrie die jij me op de hals had gehaald, toen ik eindelijk doorhad wat je me aandeed, kon ik niet zomaar vertrekken.

Het was niet zo makkelijk als het leek. De realisatie was slechts de eerste stap om weer de touwtjes in handen te krijgen wat betreft mijn eigen leven. Ik had nog een lange weg te gaan. Dat is eigenlijk nog steeds het geval.

Ik moet mezelf wat tijd geven om te herstellen. Ik moet huilen en ik moet boos zijn. Ik moet mijn hart zichzelf laten helen.

Ik moet me slecht voelen omdat ik dit heb laten gebeuren. Ik moet oprapen wat er van me over is gebleven en het weer elkaar lijmen. Ik moet de komende tijd zien te overleven.

Ik moet mijn zelfrespect terug zien te vinden. Ik moet begrijpen dat ik zeker liefde verdien. Ik moet mezelf ervan overtuigen dat mijn stem telt en dat mijn woorden niet zomaar vervagen en genegeerd worden.

Ik moet mezelf nog een kans geven om te leven, want dat verdien ik.

Ik moet weer van mezelf gaan houden. Ik was een mooi iemand. Ik had gebreken net als ieder ander, maar die gebreken vertegenwoordigen mij niet.

Ik moet leren om mijn ware ik te waarderen en lief te hebben, want dat is het mooiste wat ik heb—dat wat diep vanbinnen te vinden is, mijn ware ik.

Ik moet de keuze maken om niet meer voor iemand anders te veranderen, want als iemand mij niet leuk vindt zoals ik ben, dan verdient hij mijn liefde niet.

Ik moet mezelf vergeven en weer van mezelf houden, want dat is de enige manier om ooit weer van iemand anders te kunnen houden. 

Ik moet je vergeten en mezelf een nieuwe kans geven om te leven. 

Hierbij Verlaat Ik Eindelijk Een Toxische Manipulator